Alternatieve energie uit Atlantis en een nieuw boek op komst

In Atlantis dacht men anders over alternatieve energie

André vertelde als hij paranormaal of in zijn droom iets technisch zag aan mij wat hij had gezien. In gesprekken als cliënt, maar ook via de telefoon. Het volgende heb ik over de telefoon van hem gehoord.

André Groote:

Onze huidige ideeën over alternatieve energie-opwekking moeten we loslaten, want onze denkwijze is verkeerd en moet veranderen indien we succes willen hebben.
We zouden onze alternatieve methoden achter ons moeten laten en heel anders moeten gaan denken om die nieuwe alternatieve bronnen aan te kunnen boren.
Om te beginnen dachten zij heel anders.
Wij denken van “veel energie naar weinig resultaat” en hun denkwijze was van “weinig energie door versterking naar veel resultaat“.
Een totaal andere denkwijze die we zouden moeten gaan toepassen om betere resultaten te verkrijgen in de alternatieve energie.

Ik moet steeds denken aan de fossielen van nu alsof ze Stimerol kauwgum of een blikje van onze beschaving zouden vinden. Zij hadden bewaarkuilen van losse zwarte bollen.
Ik zie energiecentrales uit de Atlantis-tijd en in de toekomst.
Het heeft te maken met een bepaalde tijd, want ik zie een paleis in het Midden Oosten en puntige gebouwen met zwarte bolletjes erop. Ik zie een kind op een ezel verwijzend naar moeder aarde en een symbolische onderarm. Ook krijg ik symbolisch een energieleverancier door zoals bijvoorbeeld Eneco.

Er waren torens waar de zwarte bollen in pasten.
De mensen konden deze bollen zo meenemen of installeren en konden dan cellen in de bol doen om energie te krijgen. Er zitten gaten in de zwarte bollen met de diameter van een kindervoetje.
Zij gebruikten dus cellen die in de ronde gaten van zwarte bollen pasten.

De bollen bestaan uit een dunne laag van een soort plastic dat op marmer lijkt en de kleur is kobaltblauw.
Men kan een cel in de bol plaatsen en je hebt door versterking veel energie. De bollen zijn mobiel en je kunt er meerdere cellen in doen.
Men werkte met versterking van de energie.

Het zand in de woestijn is uitermate geschikt voor de productie van de cellen.
De werking van de energiebron heeft met een impuls te maken.
Het is een soort van zonnecel waarin de energie versterkt wordt.
Zwakke energie die is versterkt en daardoor krachtiger dan onze huidige methoden van alternatieve energie opwekking.

Hans Bergman over het komende boek:

In Atlantis hadden ze al schone kernfusie voortstuwing

André was geïnteresseerd in de techniek. Hij wist niets van techniek, maar als hij een technisch apparaat zag en dingen daarover doorkreeg, dan ging ik dat opzoeken en uitwerken. Hij had de gave om in een droom terug te kijken naar details. Zo ging ik mij bezighouden met een Maya grafplaat waar een raket op zou staan. Aangezien ik heb gestudeerd in de kernenergie, zag ik een mogelijkheid voor schone kernfusie en dacht ik aan een fusieraket. Ik vond de fusiemachine die bij de grafplaat hoorde. Het was de Spheromak van het Princeton Plasma Physics Laboratory. Ik paste de fusiemachine aan op de afbeelding van de grafplaat voor zover dat ging en publiceerde deze fusiemachine weer als fusieraket in een technisch paper op een Fusie Symposium in Utrecht in 1988. André kon terugkijken naar wat er in het plasma van de machine gebeurde, nadat ik de werking van een Spheromak aan hem had uitgelegd. In zijn droom keek hij terug en zag hij hoe de elektronenstromen in het plasma van de raket op de grafplaat liepen.

Ik heb per brief alles doorgegeven aan Harold Furth, hoofd van het Spheromak-project van PPPL, en heb zelf een paper geschreven in Nederland, maar toen ik mijn “paper” publiceerde, was de Spheromak dat jaar al gestopt. De Spheromak was instabiel, maar volgens ons zou mijn modificatie het stabiel kunnen maken. Een gebrek aan geld was een aanvullende reden voor PPPL om te stoppen. André had ook gezegd dat de wetenschappers zijwaarts moesten werken om het plasma stabiel te krijgen. Wat ze hebben gedaan, is niet mijn modificatie uit te voeren, maar wel een andere machine te bouwen, genaamd MRX en recentelijk de FLARE. Deze machines werden niet gebouwd om het plasma stabiel te krijgen, maar meer om met het plasma te spelen en zonnevlammen te simuleren om het gedrag van het plasma te bestuderen. Simpel gezegd hebben ze twee instabiele donutplasma’s zijwaarts naar elkaar toe gedrukt.

Na 31 jaar studie aan de MRX heeft Maasaki Yamada, hoofd van de MRX, met de ontdekking van magnetische reconnectie van tegengestelde magnetische veldlijnen in het plasma wel bewezen dat sommige plasmatheorieën niet kloppen, wat hij al vermoedde, en dat dit een rol kan spelen bij het beter verhitten en versnellen van plasma. André Groote heeft dit eigenlijk al veel eerder beschreven in zijn uitleg over het plasma, die in mijn publicatie is verwerkt.

Paragnost André Groote zag in het plasma “tegengesteld draaiende ellipsvormige elektronenstromen die tegengestelde magnetische momenten creëren en dat het aantal omwentelingen van de elektronenstromen uiteindelijk de stabiliteit van het plasma bepaalt.” (Zie publicatie.) 

“Wetenschappers moeten in de toekomst in de breedte werken, want tot nu toe hebben ze alleen maar in de hoogte gewerkt.”

Samen met André heb ik deze machine ontwikkeld, en hij zei: “Als je niet had geweten wat zich in het plasma afspeelde, had je maar een monument gehad.”

Ik noemde de nieuwe machine op de grafplaat “Palenkomak”, omdat de piramide uit de plaats Palenque komt. Na de publicatie heb ik nog veranderingen toegepast na verdere studie en inzicht en kreeg ik zelfs een visioen van deze raket die de ruimte in schoot. De uitlaat van een fusieraket is echt heel anders dan die van een chemische voortstuwing die wij nu hebben.

Een essentieel verschil met de instabiele Spheromak is dat de Spheromak een donutplasma had met een behoorlijk gat erin en dat onze plasma of die van de Maya-indianen het gat niet meer heeft, omdat die een dikkere kernfluxspoel met een kleinere poloidale (verticale of staande) spoel diameter heeft t.o.v. de Spheromak, en dat die daardoor het donutplasma schuin naar rechts gaat drukken tot een stabiel bolvormig plasma, waardoor de Palenkomak wel stabiel is en een Spheromak weer niet.

Dit houdt niet in dat er geen gebieden in het plasma kunnen zijn waar minder of meer plasma aanwezig is. De schaal in het plasma die ik eerst limiter (of begrenzer) heb genoemd, zou zo’n gebied kunnen zijn, maar daarvoor zijn computersimulaties nodig om dat te bevestigen. Ik bedoel hiermee de uitleg van het plasma van André Groote in een computer te stoppen en berekeningen te maken. Hoe lang kunnen sommige wetenschappers zich nog achter de Maya-archeologen verschuilen, die zelf geen kennis hebben van de combinatie van ruimtevaart en kernfusie? Wij nemen de technische kennis van de Maya-afbeelding serieus en door het paranormaal kijken van een paragnost in de fusiemachine weten we ook nog hoe het werkt!

Grafplaat met fusieraket

De publicatie van de fusieraket kun je hier lezen: The Spheromak Fusion Machine as Propulsion in Spaceflight in Fusion Technology 1988, Proceedings of the 15th Symposium on Fusion Technology, Utrecht, the Netherlands, 19-23 September 1988, Volume 2, A.M. Van Ingen, A. Nijsen-Vis, H.T. Klippel (editors) met als titel “The Spheromak Fusion Machine as Propulsion in Spaceflight; Modification of the practical lightweight spheromak results in a fusion rocket for interplanetary space travel.” published by Elsevier Science Publishers BV, copyright Hans Bergman © 1989, 2021, 2026.

Mijn “gemengde uitlaat” met “vloeibare stuwdruk injectie” is goedgekeurd door prof. Harry O. Ruppe († 2016), ruimtevaartexpert die nog aan het Apollo-project heeft gewerkt. Prof. Harry Ruppe gaf de formules voor de voortstuwing van de gemengde uitlaat in bovenstaande publicatie. Ik heb prof. Ruppe enkele malen ontmoet op congressen van de Ancient Astronaut Society in Duitsland en Oostenrijk.

De vloeibare injectie van extra deeltjes vindt plaats in de stroom van uitstootdeeltjes. De ingespoten deeltjes worden meegesleurd door de deeltjes die met een superhoge snelheid worden uitgestoten, waardoor de stuwdruk en de snelheid van de raket worden verhoogd.

Mijn “paper” werd gepubliceerd onder de noemer “Reactor Studies” en in de volgende “Proceedings van de 16th SOFT” in 1990 in Groot-Brittannië werd het onderdeel “Future Machines” geïntroduceerd, wat dus mijn verdienste was. Mijn adres in de publicatie is niet meer actueel.

Mijn abstract voor de publicatie in 1989 was:

“The Spheromak Fusion Machine as Propulsion in Spaceflight: Modification of the practical, lightweight Spheromak results in a fusion rocket for interplanetary space travel. Section: Reactor Studies. The Spheromak machine is designed by the Princeton Plasma Physics Laboratory (PPPL). Its application is described. Advances and changes in design make this an excellent device to be used in spaceflight. The advantage of the practical, lightweight Spheromak machine for space travel is described.“

Ik zoek nog een Engelstalige uitgever voor mijn Engelstalige boek, of een Nederlandse uitgever. Zie www.countdownpakal.com.

1 reactie

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *